Data uit een lopende studie

Met enkele praktijken verzamelen we gegevens over de NeurOptimal® ervaring en tevredenheid van cliënten. Twee vragenlijsten, aan begin en eind van een trainingstraject, brengen de veranderingen die cliënten rapporteren, in beeld.

Deze studie is opgezet door Breingoed en Neurofeedback Seattle, in samenwerking met bureau Triqs te Zwolle. Algemene informatie vind je op deze site >>
De totale N is momenteel 70. We verzamelen nog even door, en hebben de uiteindelijke analyse van alle gegevens uitgesteld. Praktijken kunnen al wel tussentijds rapporten van hun cliëntendata opvragen bij het onderzoeksbureau Triqs.  

Op deze pagina vind je een deel van de inhoud van zo’n tussentijds praktijkrapport. Het gaat om de gebundelde data van 21 cliënten van Breingoed. Deze cliënten gaven zichzelf thuis NeurOptimal® sessies. Overal waar je “cliënten” ziet staan, kun je ook “deelnemers” aan het onderzoek lezen. Het gehele praktijkrapport is op te vragen bij Breingoed. 

Noot van de studieleiders: ook al zijn de verschuivingen opmerkelijk en lijken deze consistent voor verschillende praktijken, we zijn ons wel bewust van het gegeven dat we met deze studieopzet geen “effectiviteit” aantonen. Ook zijn er diverse factoren te bedenken die onderstaande resultaten hebben kunnen vertekenen, de zogeheten biassen. 

 

Aantal sessies

29% van de cliënten voltooide 20 tot 25 sessies;
en 19% voltooide 10 tot 15 sessies.

Ervaring van de sessie

42% van de cliënten vond de sessie rustgevend;
29% vond de sessie een prettige ervaring.

Veranderingen bij jezelf of in je dagelijks functioneren opmerken

48% van de cliënten merkte binnen 2 tot 5 sessies de eerste (subtiele) veranderingen op;
nog eens 29% van de cliënten merkte binnen 6 tot 10 sessies de eerste (subtiele) veranderingen op.

Veranderingen bij jezelf of in je dagelijks functioneren opmerken

29% van de cliënten merkte op dat de veranderingen duidelijker en meer stabiel werden binnen 5 tot 10 sessies;
19% van de cliënten merkte op dat dit binnen 10 tot 15 sessies gebeurde;
en nog eens 19% merkte niet dat hun veranderingen duidelijker en meer stabiel werden.

Een verergering van klachten of problemen tijdens het trainingstraject

33% van de cliënten ervoer helemaal geen verergering;
19% van de cliënten ervoer enige verergering;
en nog eens 14% van de cliënten ervoer een verergering die huns inziens geen verband hield met de training.

Intenties bij het starten van NeurOptimal®-sessies

63% van de cliënten begon met NeurOptimal®-sessies om symptomen, ongemakken en zorgen te verlichten;
16% van de deelnemers aan het onderzoek begon met sessies om hun prestaties te verbeteren;
en nog eens 16% voor persoonlijke ontwikkeling.

De door cliënten genoemde ongemakken en probleemgebieden

Bedenk dat iedere cliënt tot 3 ongemakken mag noemen. Ongemakken die minimaal 3 keer werden genoemd, zijn opgenomen in de tabel.

14 cliënten noemden rusteloosheid, stress of angst;
8 noemden overprikkeling;
5 cliënten noemden slechte slaap;
slechte focus of concentratie werd 5 keer genoemd;
4 noemden een laag zelfbeeld;
en 4 noemden vermoeidheid;
verminderde cognitief of executief functioneren werd 4 keer genoemd;
en 3 cliënten noemden hersenmist als ongemak.

 

Verlichting van de door cliënten genoemde ongemakken en probleemgebieden

Men kon maximaal drie probleemgebieden opgeven.

Deze gebundelde data zeggen nog niets over welk specifiek probleemgebied (zoals in vorige tabel getoond) op welke manier verschuift. De eindanalyse zal hier meer inzicht in kunnen geven.

Deze grafieken tonen een gebundelde verschuiving in hun eerst genoemde probleem (1.2), het tweede genoemde probleem (2.2) en het derde genoemde (3.2).

Onder elke tabel zie je in het rood ‘rapportcijfers’. Deze vatten de verschuivingen in de tabellen samen. Men scoorde het probleemgebied op “hoe vaak” en “de mate van ongemak”. In dit praktijkrapport is enkel “de mate van ongemak” meegenomen, welke het meest veelzeggend leek (en de trend van “hoe vaak” weerspiegelde).

Met de score van 3,48 naar 7,87 duidt het bureau een verbetering aan. Ofwel, de mate van het ongemak van het eerstgenoemde probleemgebied (gebundeld voor de hele groep) is afgenomen. Eenzelfde trend zie je bij de tweede genoemde klacht. En, in iets mindere mate, bij de derde.

Verschuivingen in Functioneren

De deelnemers aan de studie kregen 31 statements gepresenteerd. Die diverse aspecten van functioneren in kaart willen brengen.

In twee afbeeldingen hiernaast zie je de 8 statements die, voor deze groep cliënten, de grootste verschuivingen lieten zien. Opnieuw getoond in rode ‘rapportcijfers’.

Er zijn nog enkele, hier niet getoonde, statements die één heel rapportcijfer verschoven: “Ik plan taken en activiteiten en kan onderscheiden wat belangrijk is en wat niet” – “Ik val gemakkelijk in slaap” – “Ik voel me zelfverzekerd” – “Ik kan afleidingen negeren en gefocust blijven” – “Ik blijf kalm en gefocust onder druk”.

De scores op de resterende statements verschoven in mindere mate. Op twee na laten ze echter alle een verschuiving in positieve zin zien.

Het vervullen van de belangrijkste wens of hoop

Men gaf in de eerste vragenlijst aan welke hoop of wens men voor ogen had bij het starten van het trainingstraject.

Bij de eindvragenlijst werd hun genoemde wens of hoop opnieuw weergegeven en gevraagd of, en in welke mate, deze vervuld werd.

29% van de deelnemers aan het onderzoek antwoordde met „zeer zeker“;
67% antwoordde met „enigszins“;
5% van de deelnemers aan het onderzoek antwoordde met „helemaal niet“.

Algemene tevredenheid

48% van de cliënten vond de algehele ervaring bevredigend;
24% gaf aan dat deze zeer bevredigend was;
24% vond de ervaring enigszins bevredigend;
5% vond de ervaring helemaal niet bevredigend.